Bloedsuiker en hardlopen uitleg

Hoe je autonome zenuwstelsel reageert op hardlopen als je diabetes hebt

Marieke de Vries Marieke de Vries
· · 9 min leestijd

Hardlopen en diabetes, het is een combinatie die steeds vaker voorkomt. Je hebt vast wel iemand in je omgeving die ondanks diabetes fanatiek aan het trainen is.

Inhoudsopgave
  1. De motor achter je loopje: je autonome zenuwstelsel
  2. De praktijk: hoe meet en manage je dit?
  3. Een handig overzicht: de suiker-wijzer voor lopers
  4. Wat te doen bij pieken en dalen?
  5. Technologie die je helpt
  6. Conclusie: hardlopen met diabetes is maatwerk
  7. Veelgestelde vragen

Maar wat doet dat rennen nu eigenlijk met je lichaam? Het antwoord zit ‘m in je autonome zenuwstelsel. Dat is de interne motor die alles regelt zonder dat je erover na hoeft te denken.

In dit artikel duiken we in de biologie achter het hardlopen met diabetes, maar dan zonder ingewikkelde dokterstaal.

We houden het lekker scherp, veilig en begrijpelijk.

De motor achter je loopje: je autonome zenuwstelsel

Stel je even voor dat je lichaam een slimme auto is. Het autonome zenuwstelsel is de bestuurder die zonder dat jij op het stuur hoeft te draaien, de motor, de airco en de ruitenwissers regelt.

Het bestaat uit twee delen die constant in gevecht zijn: de gaspedaal-stand (sympathisch) en de rem-stand (parasympathisch).

Normaal gesproken zorgt hardlopen ervoor dat je lichaam in de ‘fight-or-flight’ modus schiet. Je hartslag gaat omhoog, je ademhaling versnelt en je spieren krijgen meer zuurstof. Bij gezonde mensen gebeurt dit soepel.

Maar als je diabetes hebt, is die interne communicatie soms wat minder stabiel. Het is alsof de sensoren in de auto af en toe een seintje missen.

Wat er normaal gebeurt tijdens het rennen

Als je begint met rennen, merk je meteen dat je hartslag stijgt. Dat is je sympathische zenuwstelsel dat activeert. Je lichaam maakt adrenaline aan. Dit hormoon zorgt ervoor dat je lever glucose (suiker) vrijgeeft in je bloed.

Die suiker is direct brandstof voor je spieren. Tegelijkertijd gaat je bloeddruk iets omhoog en begin je te zweten om af te koelen.

De diabetes-factor: een verstoord evenwicht

Het is een prachtig, automatisch proces. Hier wordt het interessant voor hardlopers met diabetes. Bij diabetes is de manier waarop je lichaam reageert op deze inspanning net even anders.

Je insulinespiegel is anders gereguleerd. Daardoor kan je bloedsuiker reageren op een manier die je soms verrast.

De reactie op stresshormonen (cortisol en adrenaline) is vaak versterkt. Dit betekent dat je suikerspiegel sneller kan stijgen tijdens een training, vooral bij kortere, intensieve runs. Maar aan de andere kant kan je lichaam ook sneller door zijn voorraad heen zijn, wat leidt tot een snelle daling.

Je autonome zenuwstelsel reageert dus wat grilliger. Het herkennen van die signalen is de sleutel tot succes.

De praktijk: hoe meet en manage je dit?

Je hoeft geen wetenschapper te zijn om veilig te hardlopen met diabetes. Het draait allemaal om monitoring en voorbereiding.

De glucosemeter is je beste vriend

Zonder plan het bos in rennen is niet handig, zeker niet als je diabetes hebt. Voordat je je veters strikt, is het slim om je bloedsuiker te checken. Een simpele glucosemeter is hierbij onmisbaar.

Je wilt weten waar je start. Een waarde onder de 5 mmol/L?

Eet dan eerst een klein koolhydraatrijk snackje. Een waarde boven de 16 mmol/L? Misschien is het verstandig om even te wachten of rustiger aan te doen.

Tijdens het lopen zelf is het handig om elke 30 tot 45 minuten even te kijken, vooral bij langere afstanden. Tegenwoordig zijn er natuurlijk ook sensoren die continu meten, zoals de FreeStyle Libre.

De juiste brandstof: eten en drinken

Die geven je een seintje op je telefoon als je richting een dal of een piek gaat.

Dat maakt het leven een stuk makkelijker. Hardlopen verbrandt koolhydraten. Als je diabetes hebt, moet je die verbranding voor zijn door slim te eten. Je lichaam heeft brandstof nodig, maar te veel is ook niet goed.

Plan je maaltijd goed. Een uur of twee tot drie voor het hardlopen eet je het best een maaltijd met complexe koolhydraten, zoals volkoren pasta, zilvervliesrijst of havermout.

Tijdens het lopen zelf, als je langer dan een uur rent, moet je bijtanken. Denk aan sportdrank, energie-gels of een banaan. Het doel is om je bloedsuiker stabiel te houden, zonder extreme pieken of dalen.

Een handig overzicht: de suiker-wijzer voor lopers

Omdat we van duidelijkheid houden, hier een simpel schema. Dit zijn richtlijnen, geen wetten.

Training Start-spiegel (mmol/L) Extra koolhydraten per uur
Kort & licht (30 min) 5 - 10 0 - 15 gram
Matig (30-60 min) 5 - 10 30 - 45 gram
Lang (> 60 min) 5 - 10 45 - 60 gram

Ieder lichaam is anders, dus luister vooral naar je eigen gevoel en pas dit aan in overleg met je arts.

Let op: Start je training met een suiker lager dan 5 mmol/L? Eet dan 15 gram koolhydraten voordat je begint. Start je boven de 16 mmol/L? Controleer of je ketonen hebt en pas op met intensieve inspanning. Lees ook onze tips voor je eerste hardloopsessies na de diagnose T2D.

Wat te doen bij pieken en dalen?

Het overkomt elke loper met diabetes wel eens: je suiker klapt omlaag of je ziet je bloedsuiker stijgen tijdens het hardlopen.

Het is belangrijk om rustig te blijven en te weten hoe je moet handelen. Voel je je ineens zwak, bibberig of duizelig?

De daling: de hypoglycemie

Dan daalt je suiker. Stop direct met rennen. Neem ongeveer 15 gram snelle koolhydraten (bijvoorbeeld een half glazig frisdrank of dextrosetabletten). Wacht 15 minuten en meet opnieuw. Weet dat de eerste minuten van een run soms voor een onverwachte piek kunnen zorgen.

Pas als je suiker boven de 5 mmol/L is, kun je weer voorzichtig verder gaan.

De piek: de hyperglycemie

De '15-15 regel' is hierbij je houvast. Een piek tijdens het hardlopen komt vaak door een adrenaline-stoot. Je suiker gaat omhoog, maar je hebt nog geen brandstoftekort.

Als je suiker hoog is (boven de 14-16 mmol/L) en je voelt je goed, kun je vaak rustig doorlopen. Beweging helpt namelijk om de suiker weer omlaag te brengen.

Heb je last van misselijkheid of hoofdpijn? Stop dan even en drink voldoende water.

Technologie die je helpt

De wereld van diabetes en sport staat niet stil. Er zijn fantastische hulpmiddelen op de markt die je autonome zenuwstelsel een handje helpen.

Denk aan insulinepompen die je vooraf kunt programmeren op een lagere basaalstand voor tijdens het sporten.

Of aan hybride gesloten-lus systemen die automatisch insuline toedienen of stoppen op basis van je glucosemeting. Merken zoals Medtronic of Abbott (FreeStyle Libre) zijn hierin toonaangevend. Deze technologie neemt een deel van de mentale druk weg, zodat jij je kunt focussen op je looptechniek en ademhaling.

Conclusie: hardlopen met diabetes is maatwerk

Hardlopen met diabetes is absoluut mogelijk en zelfs zeer aan te raden.

Je autonome zenuwstelsel reageert misschien iets anders dan bij een niet-diabeet, maar met de juiste kennis en voorbereiding houd je de controle. Onthoud dat je lichaam elke dag anders is.

Slaap, stress en voeding beïnvloeden je suikerspiegel. Pas je training daarop aan. Luister naar je lichaam, gebruik de beschikbare technologie en vooral: geniet van het rennen. Het geeft je energie, verbetert je insulinegevoeligheid en maakt je mentaal sterker. Ga veilig op pad en ontdek wat jouw lichaam kan.

Veelgestelde vragen

Is hardlopen goed voor mensen met diabetes?

Ja, hardlopen kan zeker goed zijn voor mensen met diabetes, mits goed gepland en onder controle. Het stimuleert je lichaam om glucose vrij te maken, wat kan helpen om je bloedsuikerspiegel te reguleren. Het is belangrijk om je bloedsuiker voor, tijdens en na het hardlopen te meten en je insulinedosis aan te passen indien nodig.

Wat is autonome dysregulatie en hoe beïnvloedt dit hardlopen?

Autonome dysregulatie verwijst naar een verstoorde communicatie tussen je autonome zenuwstelsel en je lichaam. Bij mensen met diabetes kan dit leiden tot onvoorspelbare reacties op inspanning, zoals snelle stijgingen of dalingen in de bloedsuikerspiegel. Door je lichaam te leren herkennen en te reageren op deze signalen, kun je veilig blijven hardlopen.

Zijn er activiteiten die ik moet vermijden als ik diabetes heb en hardloop?

Hoewel hardlopen over het algemeen goed is, is het belangrijk om te luisteren naar je lichaam. Vermijd plotselinge, intensieve runs, vooral als je bloedsuiker laag is. Het is essentieel om je bloedsuiker te controleren en eventuele veranderingen in je insulinedosis aan te passen in overleg met je arts of diabetesverpleegkundige.

Wat is de 2-4-6 regel en wanneer gebruik je deze?

De 2-4-6 regel is een richtlijn om je bloedsuiker te verhogen bij een daling tijdens of na het hardlopen. Als je bloedsuiker onder de 15 mmol/l daalt, spuit je 4 eenheden insuline. Als deze onder de 10 mmol/l daalt, spuit je 6 eenheden insuline. Na twee uur opnieuw je bloedsuiker controleren.

Wat is de 15-15-15 regel en wanneer gebruik ik deze?

De 15-15-15 regel is een methode om je bloedsuiker te verhogen als deze onder de 70 mg/dL daalt. Neem 15 gram koolhydraten in, wacht 15 minuten en controleer je bloedsuiker. Herhaal dit proces totdat je bloedsuiker weer in het veilige bereik is.


Marieke de Vries
Marieke de Vries
Diabetesverpleegkundige en hardloopcoach

Marieke helpt mensen met type 2 diabetes fitter worden door hardlopen.

Meer over Bloedsuiker en hardlopen uitleg

Bekijk alle 38 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoe hardlopen je bloedsuiker verlaagt bij type 2 diabetes
Lees verder →