Bloedsuiker meten hardlopen

Hoe je bloedsuikertrends leest in je CGM-app als training-feedback

Marieke de Vries Marieke de Vries
· · 7 min leestijd

Stel je voor: je hebt net een zware training achter de rug, of juist een uitgebreide brunch. Je voelt je prima, maar wat doet je bloedsuiker eigenlijk op dit moment? Vroeger moest je prikken, wachten en hopen dat je geen vinger miste.

Inhoudsopgave
  1. De basis: wat is een CGM en wat meet hij?
  2. De grafieken in je app: wat betekenen ze?
  3. Hoe je de data gebruikt als training-feedback
  4. Praktische tips voor optimaal gebruik

Tegenwoordig heb je een Continue Glucose Monitor (CGM), een sensor die je constant in de gaten houdt.

Maar hier is het ding: die berg aan data is nutteloos als je niet weet hoe je het moet lezen. Het is niet alleen een thermometer; het is een live trainingscoach voor je lichaam. In dit artikel leer je hoe je de grafieken in je app – of je nu Dexcom, Abbott Freestyle Libre of een ander systeem gebruikt – optimaal benut om directe feedback te krijgen op je dagelijkse keuzes.

De basis: wat is een CGM en wat meet hij?

Een CGM is een kleine sensor die onder je huid wordt geplaatst, meestal op de buik, arm of rug. In plaats van bloed meet hij het glucosegehalte in het interstitiële vocht (het vocht tussen je cellen). De sensor stuurt elke paar minuten een nieuwe meting naar je smartphone.

Dat betekent dat je in plaats van een enkele foto (zoals bij een vingerprik) een complete film van je glucosewaarden krijgt.

De meeste systemen hebben een meetbereik van 40 tot 400 mg/dL. Een populaire sensor zoals de Abbott Freestyle Libre 3 of Dexcom G7 meet elke minuut en stuurt continu data door.

De sensors gaan meestal 10 tot 14 dagen mee, afhankelijk van het merk en type. De kosten variëren, maar een gemiddelde sensor kost tussen de €75 en €200, afhankelijk van je verzekering en het merk. Het doel is simpel: real-time inzicht krijgen in hoe je lichaam reageert op eten, beweging en stress.

De grafieken in je app: wat betekenen ze?

De meeste CGM-apps – of het nu de app van Dexcom, FreeStyle Libre of een derde partij is – gebruiken een paar standaard grafieken. Laten we dieper ingaan op de belangrijkste elementen die je moet snappen.

Dit is de lijn die je continu ziet bewegen. Hij toont je glucosewaarden over de tijd, meestal in intervallen van 1 tot 5 minuten.

1. De glucose trendlijn (de hoofdlijn)

De lijn laat zien of je glucose stijgt, daalt of stabiel is. Een steile lijn omhoog betekent een snelle stijging; een flauwe glooiing naar beneden betekent een langzame daling. Let op de ‘voorspellende’ bol aan het einde van de lijn.

Veel apps geven een inschatting van waar je glucose naartoe gaat op basis van de huidige snelheid. Dit is cruciaal voor snelle beslissingen: moet je nu insuline spuiten of een snack pakken?

2. De Time in Range (TIR)

Time in Range (TIR) is de gouden standaard voor moderne diabeteszorg. Het percentage van de dag dat je glucosewaarden binnen je doelbereik liggen. Voor de meeste mensen ligt dit doelbereik tussen 70 en 180 mg/dL. Een TIR van 70% betekent dat je 16,8 uur per dag binnen die marge zit.

Een hogere TIR betekent een lagere HbA1c en minder risico op complicaties.

3. De glucose-alarmen

In je app zie je dit vaak terug als een staafdiagram of cirkeldiagram. Het is een directe reflectie van hoe goed je beheer op orde is. CGM’s hebben ingestelde drempelwaarden voor alarmen.

Een standaard ‘lage alert’ gaat vaak af bij 70 mg/dL, en een ‘zeer lage alert’ bij 55 mg/dL. Voor hoge waarden zetten veel mensen een alert op 200 mg/dL.

Deze alarmen zijn je veiligheidsnet. Je kunt ze aanpassen aan je persoonlijke voorkeuren. Sommige apps bieden ook ‘Fall Rate’ en ‘Rise Rate’ alerts, die waarschuwen als je glucose sneller dan 2 mg/dL per minuut daalt of stijgt.

4. De logboeken en markeringen

Dit is essentieel om hypo’s of hyper’s te voorkomen voordat ze gebeuren. De meeste apps hebben een logboekfunctie waar je handmatig gebeurtenissen kunt toevoegen: maaltijden, beweging, medicatie, of zelfs stress.

Dit is de sleutel tot het leggen van verbanden. Zonder markeringen is een CGM-grafiek slechts een reeks lijnen; met markeringen wordt het een verhaal.

Bijvoorbeeld: je ziet een piek om 12:00 uur. Als je niet hebt gemerkt dat je toen pasta at, weet je niet wat de oorzaak was. Als je het wel hebt gemarkeerd, weet je precies hoe die maaltijd je beïnvloedt.

Hoe je de data gebruikt als training-feedback

De echte waarde van een CGM zit hem niet in het meten, maar in het leren.

Je gebruikt de data als feedback om je gedrag aan te passen. Hier is hoe je dat doet, opgebouwd als een trainingssessie.

1. Voeding: de glycemische respons analyseren

Elke maaltijd is een experiment. Kijk naar je grafiek na het eten. Hoe snel stijgt je glucose? Hoe hoog wordt hij?

En hoe snel daalt hij weer? Let op de glycemische lading van je eten.

Koolhydraten met veel vezels (zoals volkoren granen) laten een tragere, langere stijging zien dan suikers (zoals frisdrank). Gebruik de trendlijn om te zien hoe je lichaam reageert. Als je na een kom havermout een snelle piek ziet, probeer dan eens minder koolhydraten te eten of meer eiwitten toe te voegen.

De Time in Range (TIR) is hier je score: hoe beter je maaltijd is, hoe hoger je TIR over de uren na de maaltijd. Beweging is complex.

2. Beweging: de dubbele effecten van sporten

Tijdens cardio (hardlopen, fietsen) daalt je glucose vaak omdat je spieren glucose opnemen zonder dat je insuline nodig hebt.

Na krachttraining kan je glucose juist stijgen door stresshormonen, om later (soms uren later) te dalen. Gebruik je CGM om je persoonlijke patronen te vinden. Doe een ‘werkset’ van 30 minuten cardio en kijk hoe je lijn reageert.

Doe je een zware krachttraining? Monitor je glucose de komende 6 uur.

Als je merkt dat je glucose na het sporten vaak te laag wordt (hypoglycemie), kun je vooraf of achteraf een kleine hoeveelheid koolhydraten eten.

3. Insuline en medicatie: timing is everything

Als je glucose juist piekt na sporten, misschien is de intensiteit te hoog of heb je rust nodig. Je CGM geeft je de data om je trainingsschema hierop af te stemmen.

Als je insuline gebruikt, is de CGM een gamechanger. Je kunt precies zien hoe snel je insuline werkt (de werkingssnelheid) en hoe lang het duurt voordat je glucose daalt. Probeer te zien hoe je bolus reageert op een maaltijd. Als je insuline spuit en je glucose stijgt toch nog, dan was de bolus misschien te laat of te klein.

Als je glucose daalt voordat je klaar bent met eten, was je bolus misschien te vroeg of te sterk.

Je leert je ‘insulineprofiel’ kennen. Dit helpt je om je doses fijner af te stemmen, wat resulteert in een stabielere bloedsuiker en een hogere TIR. Na een week of twee CGM-data analyseren na je training helpt je patronen te herkennen.

4. Patroonherkenning: de grote lijnen zien

Misschien heb je elke nacht om 03:00 uur een daling (het ‘dawn phenomenon’). Of je glucose stijgt elke vrijdagavond na het eten van pizza.

Gebruik de wekelijkse rapporten in je app (zoals die van Dexcom Clarity of LibreView) om deze langetermijntrends te zien.

Kijk naar je optimale time-in-range doel per dagdeel. Zit je ’s ochtends vaak boven de 180 mg/dL? Pas je ontbijt aan.

Val je ’s avonds vaak terug naar beneden? Pas je avondinsuline aan. Dit is de trainingfeedback: je past je routine aan op basis van bewijs, niet op basis van gevoel.

Praktische tips voor optimaal gebruik

Om het meeste uit je CGM te halen, moet je het als een instrument gebruiken, niet als een dashboard dat je alleen kijkt als het alarm afgaat. Consistentie is key.

Draag de sensor altijd en zorg dat je telefoon binnen bereik is. Markeer elke maaltijd en elke training. Zelfs als je denkt dat je het onthoudt, is het vastleggen in de app veel betrouwbaarder.

Gebruik de notities in de app om te beschrijven hoe je je voelde tijdens een glucosepiek of -dal.

Experimenteer veilig. Probeer kleine aanpassingen en kijk hoe je lijn reageert. Verander niet tegelijkertijd je hele dieet en medicatie, anders weet je niet wat wat veroorzaakte. Werk samen met je zorgverlener; deel je wekelijkse rapporten.

Zij kunnen helpen patronen te interpreteren die jij misschien over het hoofd ziet. De data van je CGM is een krachtige tool voor zelfmanagement.

Door trends te lezen als training-feedback, verander je van een passieve patiënt in een actieve coach van je eigen lichaam. Het is een continue leerproces, maar met elke nieuwe grafiek begrijp je jezelf een stukje beter.


Marieke de Vries
Marieke de Vries
Diabetesverpleegkundige en hardloopcoach

Marieke helpt mensen met type 2 diabetes fitter worden door hardlopen.

Meer over Bloedsuiker meten hardlopen

Bekijk alle 28 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoe je bloedsuiker meet voor, tijdens en na het hardlopen met type 2 diabetes
Lees verder →